Het was midden februari 2003 en bij de meeste roeiers begon het bloed al weer te stromen.
Wij, het roeiteam van het MBK, spraken al van als het niet meer vriest, moeten we maar weer eens aan de riemen (met
uitzondering van de stuurman).
En in maart werd de eerste roeitraining gepland.
Het was nog maar een korte training want na een winterstop moet je het rustig aan opbouwen.
De Pollux, een 'stersloep' van het KIM, welke het MBK ieder jaar van het KIM leent en waar het MBK sloeproeiteam al
meerdere jaren in roeit, lag al geheel klaar voor gebruik.
Het eerste stuk zou vanaf de ARZV naar de Zuidpoort van het marineterrein gaan.
De afstand is ongeveer 6 kilometer vice versa. Het was meer om de spieren los te gooien en weer te wennen aan het hout.
Na ongeveer 3 maal dit stuk te hebben geroeid werd de afstand verlengd naar de Kooybrug.
Dit is ongeveer 12 kilometer v.v. Deze afstand moest met gemak worden overbrugd, alvorens er werd doorgevaren naar de
spoorbug van Koegras. En na een paar keer werd er met gemak vanaf de ARZV naar de afslag Julianadorp geroeid.
Er werd gemiddeld 2 keer per week geoefend, wat een zware druk op het thuisfront gaf.
Het moest allemaal in eigen tijd worden gedaan.
Ons werkrooster kent geen ruimte om te sporten, dat is bekend.
Maar we hadden het er allemaal voor over, want we wilden ons, vergeleken met vorig jaar, verbeteren.
Na een week of vier moesten we er maar eens aan geloven en werd besloten om de boot te laten overbrengen naar steiger 1,
aan het schiereiland Harssens. Dit betekende "zout water roeien"
En dat hield in dat we in getijdenwater gingen roeien.
Van af dat moment wisten we dat er hard aan getrokken moest worden.
De tijd tot 30 mei schoot op en er waren nog ongeveer 5 weken te gaan.
We wisten dat dit de zwaarste weken waren en we waren er op uit om de afstand van 20 kilometer te overbruggen. Dat is een
retourtje Oude Schild vanaf de zwaaikom in de marinehaven te Den Helder.
Ik wist wel een paar leuke plekjes om wat krachten te testen.
Zo is gebleken dat bij opkomend tij, in het vaarwater Helsdeur nabij de ton S11 (nabij de vuurtoren) waar het water zodanig
raar staat, dat je na een half uurtje in dat water geroeid te hebben, de blaren op de handen ontstaan met een doorsnede van
ongeveer 5 centimeter en je amper vooruit komt.
Kijk dan heb je ten minste het gevoel dat er iets gedaan is.
En om de morele kant te testen moesten we tegen een heleboel stromingen in roeien, totdat we rijp waren om naar Oude
Schild te roeien.
Vorig jaar kwamen we tot de ton T17, dicht bij Oude Schild en moesten we kakken te kort naar Den Helder terug omdat de tijd
erop zat.
Maar dit jaar moesten we verder komen.
De eerste pogingen gingen we tot aan de ton GVS 2, die lag halverwege de reis.
Toen de roeiers met gemak deze afstand overbrugden, gingen we door en zowaar twee weken voor de race haalden we met
gemak Oude Schild.
Nu wisten we het, deze 20 kilometer overbruggen hield in dat er ook 30 kilometer kon worden geroeid.
Een dag voor vertrek werd nog een laatste bespreking gehouden en daaruit bleek dat we nog wat sponsorgeld moesten
vangen.
De sleepboot Pieter van de rederij Waterweg zou als volgboot mee gaan, mits de rederij de boot niet nodig had. Als dat wel
het geval was dan zouden we een vervangend vaartuig van de rederij mee krijgen.
Twee dagen voor de race moest de Pieter nog worden beladen met proviand, bedden, stoelen, de tap met toebehoren en
natuurlijk niet te vergeten de liters punthoofden water.
Er werden tenten aan boord gebracht en houten platen en balken, voor het maken van een taptafel.
En er kwam een geluidsinstallatie van OS&O (een instantie bij de Koninklijke Marine die spullen voor feesten en partijen in
beheer heeft) aan boord, want we hadden wel wat geluid nodig om de sfeer te maken.
Op 30 mei om 06.30 uur vertrokken de eersten met de Pieter vanuit Den Helder naar Harlingen, waar de roeisloep al klaar lag.
Deze was een dag eerder door de havenmeester van de ARZV bootsman Oudernalden gebracht.
De schipper van de Pieter had voorgenomen om via Kornwerderzand te varen en omdat hoogwater de waterstand gunstig
maakte voor de Pieter, moesten we vroeg vertrekken.
Maar goed ook, want het was toch nog ruim twee en een half uur stomen.
De personen die aan boord waren gestapt ging direct na het verlaten van de marinehaven aan de slag om alles in orde te
brengen.
De taptafel moet worden gemaakt en de geluidsinstallatie moest worden opgetuigd, want zonder muziek kun je niet leven!
Bij aankomst in Harlingen stonden de andere roeiers al klaar om hun spullen aan boord te leggen en om zich gereed te maken
voor de start.
Direct nadat we waren aangemeerd werden door Michel en mij het reglement, de zeekaart, de HT vlag en het startnummer
opgehaald bij de rederij Doeksema.
Terug gekomen bij de Pieter waren onze meerderen van het MBK aanwezig. Iets wat zeer op prijs werd gesteld, het
HMBK(hoofd MBK), de HOD(Hoofd Operationele Dienst) en de REGCO (Regio Coördinator).
Zij wilden de start van het MBK-sloeproeiteam meemaken.
Door de REGCO werden een aantal foto's gemaakt.
Nog voordat we bij de finish waren gearriveerd, lagen de foto's al bij mij thuis al in digitale vorm klaar voor gebruik
Er werd met groepjes van 10 boten gestart en er waren 130 sloepen die meededen.
Na ons zouden nog 4 groepen van start gaan.
Met startnummer 94, gingen we om 13.15 uur van start.
We wisten dat de start erg zwaar zou zijn, mede omdat de echte snelle boten in de hoge nummers zaten. Na het startschot
verlieten wij samen met de nummers 90 t/m 99 de startlijn.
Wij steelden weer de show door als eerste van de groep de haven van Harlingen te verlaten.
Het ging er hard tegenaan. Na het verlaten van de haven merkten we pas echt hoe hard de wind was. Deze was Noordoost
met een dikke windkracht 4 Bfrt. Ik zelf denk dat het dichter bij de 5 zat dan bij de 4,5 Bfrt.
Wel hadden we de stroming mee, maar dat wisten we al voordat we vertrokken.
Met een snelheid van gemiddeld 12 kilometer per uur roeiden we door. Halverwege de Vliestroom sloeg de vermoeidheid toe.
Daarbij kwam ook nog dat daar drie stromingen bij elkaar komen en de wind, voor onze boot, zeer ongunstig was.
De Pollux is voor wat betreft golven, net een lange pannenkoek. Als er ook maar één golf onder de boot komt, ligt de boot
gelijk nagenoeg stil en moet de snelheid weer opnieuw worden opgebouwd. Dat is zeer vermoeiend.
Gelukkig hadden bijna alle snelle boten daar last van, dat streelde ons nog een beetje.
Toen we bij de ingang van het Schuitengat waren aangekomen kwam het laatste, maar ook het meest zware stuk, wat we nog
moesten afleggen. Hier moesten we een oostelijke koers volgen, dus tegenwind en het tij was nog niet gekeerd. Dus we
hadden ook nog eens tegenstroom. Deze zal tussen de 2 en de 3 mijl hebben gelegen. We voeren nog maar net 10 minuten
in het Schuitengat of het vaarwater werd en zo smal dat er maar 2 boten naast elkaar konden varen.
Op zich zou dat nog niet zo'n probleem zijn, ware het niet, dat de diepte wel erg ondiep werd. Ik schat dat de diepte ongeveer
20 centimeter moet zijn geweest. Leden van het reddingswezen stonden in het water om zo aan te geven waar het vaarwater
diep genoeg was om te roeien. Er werd weer eens lekker gescholden en het gekletter van de riemen was weer duidelijk
hoorbaar.
Hier en daar zagen we nog wat kapotte riemen drijven. Ik heb zelfs nog een roerblad zien drijven.
Na ruim een uur keihard roeien haalden we de haven van Terschelling.
Het was weer een prachtig gezicht. Dat is weer het geluk als je de roerganger bent, dan kun je ver vooruit kijken.
Ik krijg altijd weer het kippenvel als we de haven van Terschelling binnenlopen. Het lijkt wel of het hele eiland is uitgelopen en
aan het overhellen is. Wat een gigantisch gebeuren. En iedereen leeft met iedereen mee.
Nadat de finishhoorn had geschald werd pas gestopt met roeien. De haven liep vol met sloepen. En we stuurden naar de kant.
Voor we het wisten lagen we tussen velen sloepen en konden geen kant meer op.
Jongens! Wat waren de roeiers kapot. Ik denk dat dit, tot nu toe, de meest zware race was die wij hebben meegemaakt.
Er werd even heel weinig gesproken, logisch want we waren kapot, zelf ik als roerganger had het lek.
Op het behalen van de finish werden een paar blikjes bier genomen en we gingen op zoek naar onze volgboot.
Het mooie van deze race is, dat iedereen elkaar feliciteert met de aankomst. Ongeacht of er nou veel strijd tussen de sloepen
onderling, tijdens de race, is geweest of niet.
Nadat we bij de volgboot waren aangekomen, werden we verwelkomd door de dames en de bemanning van de volgboot.
We moesten haast maken want we zouden in de jeugdherberg het diner genieten.
Het start nummer werd ingeleverd en we gingen richting de jeugdherberg. Dat was ook nog ruim 20 minuten lopen.
De maaltijd was verrukkelijk en er werd besloten om de volgende dag ook weer op die plek de maaltijd te genieten.
Met uitzondering van M. Löbbers en zijn vrouw sliepen alle stelletjes in de jeugdherberg.
De rest sliep aan boord van de Pieter. Lekker dicht bij de tap en het punthoofden water.
Die avond werd er nog even nagefeest.
Alle schepen die bij ons in de buurt lagen hebben duidelijk meegenoten, want de muziek was kilometers ver te horen.
De volgende morgen waren we weer vroeg op. Temeer omdat de het merendeel van ons aan dek sliep en werden gewekt met
het schijnsel van de "koperen ploert". Wat stond dat ding laag en wat was hij scherp. Of zal dat aan mij hebben gelegen?
Het duurde even voor ik was bijgetrokken. Om een uur of elf was ik in staat om de stad in te gaan en de finish foto's te
bekijken.
Op de terugweg nog even een twintig tal haringen meegenomen en aan boord gekomen lagen de haringen slecht 15 tot 30
minuten, toen was het op.
's Avonds was de prijsuitreiking in de grote tent. Gelukkig stond de tent nog geen 200 meter vanaf de boot. Was dat een luxe.
Om ongeveer 22.30 uur werden de boten die binnen de twintig prijzen vielen naar het podium geroepen.
Wij waren ervan overtuigd dat wij daar ook bij hoorden, maar helaas we werden niet naar voren geroepen.
Na de prijsuitreiking werden de lijsten met de finishplaatsen uitgereikt. Het MBK team was op de 61e plaats beland.
Jeetje wat waren we teleurgesteld. Toen Andre opmerkte dat de berekening op 12 roeiers was gemaakt brak de pleuris uit.
Hierna ben ik direct naar de commissie gegaan en het protest ingediend. Zij gaf aan dat wij dat op schriftelijke wijze moesten
doen.
Ik was zo gefrustreerd, dat ik mijn biertje heb leeggedronken direct naar de Pieter ben vertrokken. Ik had geen zin meer om in
de tent de toko te spekken.
De volgende morgen moesten we ons gereed maken voor de terug reis naar Den Helder. Maar eerst moesten we nog enkele
personen op het vaste land in Harlingen afzetten, want daar stonden hun auto's geparkeerd.
Hierna is het overgebleven volk met de Pieter naar Den Helder vertokken.
Het was, ondanks de tegenslag, toch een prachtig weekend geworden.
Mart
P.S.
Aan ieder MBK lid in Den Helder willen wij nog even het volgende kwijt.
Door jullie toedoen, konden wij aan de HT-race meedoen.
Wij weten heel goed dat onze afwezigheid een zware druk op de werkvloer was.
Bedankt!
Het MBK sloeproeiteam.