Om de drukte een beetje voor te zijn was ik rond 09.00 uur in Harlingen om bij Rederij Doeksen de startbescheiden op te halen. Met het startnummer, kaart en vlag voor de volgboot onder de arm stapte ik om 09.30 uur aan boord van de Coastal Surveyor. Dit schip zou als volgboot onze familie en supporters meenemen naar het eiland. Met een bakkie en een broodje zag ik langzaam de rest van de bemanning binnen druppelen. Nadat iedereen aan boord was geholpen was het tijd om naar de Pollux te gaan. In de Nw Willemshaven lagen vele sloepen te wachten tot het tijd was om te starten. Een ieder bereide zich op zijn eigen wijze voor op de wedstrijd. Onze John werd nog even geïnterviewd door een lokale TV zender maar gaf een voorzichtige voorspelling voor de wedstrijd. Hier en daar moest er nog wat gesleuteld worden. De Castor, welke dit jaar met 10 man roeide, kon een sloep aan een "Dol" helpen.  De onderlinge sfeer is goed en iedereen is bereid om elkaar te helpen. Bij het los gaan van de kant werden de sloepen door de wind opzij geblazen. Alle aandacht ging uit naar ons roer want het debacle van vorig jaar wilden we niet weer meemaken.  Het geluk was niet aan de zijde van de Castor want de helmstok kwam klem te zitten en brak af als een lucifer houtje. Gelukkig bood het team van de InHolland spontaan hun reserve helmstok aan zodat de Castor zonder problemen aan de start kon verschijnen.   Vlak voor de start kwam de wedstrijd van 2004 even boven drijven. Met een Noord Westelijke wind van 5 a 6 bfr begon het er aardig op te lijken. Om 11.55 uur gingen wij van start. Er werd behoorlijk aan de riemen getrokken en mede door ons lage startnummer konden wij als eerste de haven van Harlingen verlaten. Eenmaal buiten de haven, bij het aangezicht van alle volgschepen en roeisloepen, het langzaam uit zicht raken van de haven, besef je dat de wedstrijd is begonnen. Andre telde de ingehaalde sloepen, 50-49-48-47 enz. De wind wakkerde aan tot 6+ en kwam nog steeds uit het Noordwesten, waardoor de snelheid uit de boot werd gehaald en wij met een constante snelheid van 7,4 kilometer per uur verder gingen. In het vaarwater de Blauweslenk, keerde het tij en werd het vloed, wat andere jaren in de Vliestroom (1 uur verder) plaatsvond.  Toen we ter hoogte van de boei VL-6 roeiden kregen we de vloedstroom pas echt tegen. De snelheid liep terug van 7,4 naar 7…6….5….4….3…2…1 de boei welke naast ons lag bleef ter hoogte van onze positie liggen. Dit hield in dat er harder aan de riemen getrokken moest worden. Nou dat is geen kattenpis als je al vier en een half uur alles hebt gegeven. Neen, zelfs de beste stuurman krijgt het dan moeilijk om de roeiers te motiveren. Toen na 20 minuten vechten tegen de stroom bleek dat we harder achteruit gingen dan vooruit, werd aan blok besloten dat het een ondoenlijke zaak was om de zee te trotseren, "de vloedstroom was te sterk". Gefrustreerd en gedesillusioneerd keken we om ons heen. Was dit het moment dat het niet zou lukken? Zo lang knokken en dan opgeven dat wilde niemand. Om ons heen kijkend zagen we volgboten die al sloepen op sleep hadden genomen. Op dat moment beseften wij dat het geen haalbare kaart meer was om door te gaan. Door de hulp van een volgboot, witte Rana 17ft, werden wij naar de Urania gebracht die ons op sleep zou nemen. Ondanks de warme kleding en thermo dekens werd het behoorlijk koud in de boot. We stapten zoveel mogelijk over op de Urania waar we een lekkere warme bak koffie kregen en even door konden warmen. Een uur later liepen we de haven van Terschelling binnen. Deze keer geen gejuich en geklap en "welkom op Terschelling". Er stonden wel een aantal roeiers voor ons te zingen. Het lied: "ZORG DAT JE GESLEEPT WORDT BIJ DE MARINE MOET JE ZIJN" werd niet door alle roeiers even hartelijk ontvangen. Anderzijds kan je dit natuurlijk wel verwachten en werd dit waarschijnlijk gezongen door roeiers die er wel in geslaagd zijn om de race roeiend te volbrengen. Na het aanmeren begaven wij ons naar de Coastal Surveyor om onze kleding op te halen. Bij aankomst werden wij onthaald door familie en supporters. Allemaal waren ze trots op de prestatie die we hebben geleverd en vertelde dat er waarschijnlijk 90 sloepen uit de wedstrijd waren gehaald. Dat dit de mineur stemming niet helemaal weghaalde moge duidelijk zijn.   Dit was toch een andere race en aankomst dan we ons hadden voorgesteld. Hierover werd natuurlijk druk nagepraat in ons verblijf, de "Stay Okay". Na een warme douche en maaltijd bemerkte we dat de enigszins bedrukte stemming doorgezet werd in de bar. Geen live muziek dit jaar. Toch werd, na het nodige gerstenat, de stemming wat vrolijker. Al babbelend kwam Henk tot de conclusie dat zijn eerste HT-race wel erg veel vergelijkenis vertoonde met zijn schoolcarrière. Veel inzet, bloed, zweet en tranen maar geen diploma. Al heeft deze Utrechter de belofte van tien keer de HT-race roeien dan nog niet gedaan, we bemerken al wel enige besmetting met het roeivirus. Ook Opie Jeroen zou immers zijn laatste HT-race in 2001 geroeid hebben, maar was nu ook weer van de partij. Sterker nog, hij heeft alweer aangegeven het nooit meer te roeien. Maar leer ons deze Heintje Davids kennen, die roeit hem gewoon ook tien keer. Uiteindelijk hebben we het in de bar bijna net zolang vol gehouden als op zee, lang dus, althans er werd geen bier meer geschonken. Ook hier werd de race gestaakt en restte niets anders dan van onze wel verdiende nachtrust te gaan genieten. Al werd Michel nog wel door Andre in de volgende dag in de waan gelaten dat het goed toefen was in de Braskoer. Vooruit voor Michel zijn gemoedsrust, we zijn allemaal gelijk gaan slapen. Deze dag bleek ook hoe triest dit weekend moest worden. Geen zon, maar druilerige regen af en toe afgewisseld met harde regen. Ook de bezetting van de ploeg voor de rest van het weekend liet te wensen over. Henk, Jeroen, Mickel, Nol en Mart bleven helaas maar één nachtje op het eiland en gingen met de eerste gelegenheid terug naar Harlingen. Voor de overgebleven roeiers en hun vrouwen werd het tijd om West te verkennen. Na twee uur ronddolen in de regen werd de wijze beslissing genomen om op te drogen in een eetgelegenheid. Zeezicht dus, konden we lekker terugblikken op de race, alleen geen plaats. Het weerhield Andre niet om eindelijk zijn door het lichaam aangemaakt afval, wat hoogstwaarschijnlijk de dag daarvoor in de roeiboot geproduceerd was, te dumpen. Er kwamen vreemd genoeg, snel enkele tafeltjes vrij. Zou dit met de lucht, die als bijproduct van Andre's afval vrij kwam, te maken hebben gehad. Ik zou het niet durven zeggen, maar vreemd was het op z'n allerminst. Net zo vreemd als dat er een meneer, die aan een tafeltje naast ons zat, zich met een diepe zucht vanachter zijn krant liet ontvallen, dat het een schande was van de organisatie. Er was te laat gestart. Hier wilden wij meer van weten! Waren wij, met vele anderen, genaaid? Volgens deze bron was ene meneer uit Rotterdam, hoofd van de HT organisatie, de schuld van alle misère. Hij was ruimschoots van tevoren ingeseind door mensen die geboren en getogen waren aan het wad. Die hadden hem dit scenario voorspeld. Deze race had eerder moeten beginnen of misschien zelfs wel worden afgeblazen. Er bekroop ons een vreemd gevoel, waren wij even als vele andere misschien slachtoffers van een bestuurlijke machtsstrijd, een HT coupe. Het gevoel werd alleen nog maar versterkt toen de dames zich bij ons voegden. Deze hadden na hun gebruikelijke, laten wij alles wat op Terschelling los zit kopen en doe wat vast zit ook maar, hetzelfde te horen gekregen. De sigarenboer, de bakker evenals de vrouw in de fotozaak vertelde hetzelfde verhaal. Kortom de plaatselijke middenstand was boos, sterker nog heel Terschelling was boos en wij nu ook. Dit verdiende nader onderzoek. Onze eigen gelegenheids onderzoeksster Ella zou dat vakkundig op zich nemen. Zij sprak die zaterdagavond in de feesttent die bewuste Rotterdammer, ene Kees Jan er persoonlijk op aan. Zij vroeg beleefd doch indringend of de organisatie misschien een inschattingsfout had gemaakt. Waarschijnlijk knapte er iets bij die Kees, want het antwoord was als de storm waar wij tegen in geroeid hadden. Wie was zij in godsnaam en bij welke boot behoorde zij. Hij zou er persoonlijk zorg voor dragen dat die boot nooit meer zou deelnemen aan een HT. Had hij zijn beslissing moeten laten afhangen van het oordeel van ene Paul Pietsma of zoiets, om haar vervolgens te bevelen de tent te verlaten of anders zou hij dit zelf wel even regelen. Die man stond duidelijk onder zeer zware druk. Het zij hem vergeven. Ella zo slim als ze is, beweerde een toerist te zijn en zag dat verder praten met deze man geen zin had. Ze liet wijselijk zich niet ontvallen bij welke boot ze hoorde. Trouwens als het erop aan was gekomen dan hadden wij met zijn allen ontkend haar ooit eerder gezien te hebben. Nooit meer mee mogen doen aan een HT-race, dat is zelfs na deze deceptie, onacceptabel. We hebben er nu, door het niet halen, zelfs één race extra voor nodig om aan ons voornemen te voldoen.   Steeds meer bekroop ons het gevoel dat degene die het wel gehaald hadden van een andere planeet kwamen. Tijd voor onderzoek, praten dus met die geweldenaren. Eerst met ene Jan Willem, roeiend in de Orkaan. Verrek, hij kwam uit onze stad en ging wel drie keer per week naar Harlingen om minimaal twee uur per sessie te roeien. Ben jij gek zeiden we, je kunt ook bij ons mee roeien, scheelt reistijd en tot onze spijt ook roeitijd. Zouden we misschien langer moeten trainen? Dan eens polshoogte nemen bij die lui van Oldenboarn, geen eerste dit keer, maar toch …in een dergelijk zwaar lel als de Tweres1, tweede. Ja, vind je het gek de kleinste in die boot is al over de twee meter. Zou het daar aan liggen? Blijken de vrouwen uit dat dorp van een heel ander formaat te zijn en ook zij hadden het gehaald. Dat was het dus ook niet. Maar wat een kanjers, zij vonden dit zelf overigens van de dames West Arvada, die voor hen geëindigd waren. Vonden we ook knap, alleen Tweres 3 dames vonden we knapper. Trouwens na het vele bier wat Michel op wonderbaarlijke wijze voor een prikkie in de feesttent kon bemachtigen, acht bier voor zes bonnen en nog wat spa rood toe(hoe doet hij dat toch?), was het ons allang best. Al drinkend en pratend kwamen we tot de conclusie dat het bier steeds beter smaakte, de dames van de Tweres 3 de sloep van de week moest worden op de Abel Tasman site en de 36 sloepen die al roeiend het eiland gehaald hebben, een prestatie van wereldformaat geleverd hebben. Die gasten van de Schotse Vier moeten toch een heel jaar op een wolk leven… Super!! Voor ons restte alleen nog de terugreis op zondag, een kater… van het bier, het weer en het niet finishen. Toch enkele lichtpuntjes, wij hebben mogen deelnemen aan de zwaarste HT-race ooit. We behoorden tot de grootste groep, die van de uitvallers. Henk zal ooit een diploma halen al weten wij nog niet wanneer en waarmee en we zullen er weer bij zijn volgend jaar. Ondanks de uitspraak van die overspannen meneer uit Rotterdam. Toch had zelfs hij misschien een beetje gelijk, toen hij zei:"de echte bikkels zullen het halen". Nou we hebben nieuws voor hem, wij ook… volgend jaar.   Tot dan, of tot in Hindelopen.   Dit verslag is van en door de bemanning van de Pollux.